The human face of prison

28 oktober, een grote dag voor de gevangenen van Chichiri prison, de paralegals en staff die daar werken en uiteindelijk ook onszelf. Deze boude uitspraak vraagt natuurlijk om uitleg. Al vanaf de eerste plannen om dit onderzoek te doen is het idee ontstaan om een ‘bewustwordingsdag’ te organiseren in een van de gevangenissen in Malawi, bij voorkeur de gevangenis waar we inmiddels bijna kind aan huis zijn. Deze dag zou in het teken staan van het creëren van een draagvlak voor de veranderingen die we uiteindelijk gaan adviseren, gecombineerd met een feest voor alle gevangenen. Dit zijn er op het moment bijna 1800, dus dat zou behoorlijk wat voorbereiding vragen. Deze dag zou het sluitstuk vormen van al onze werkzaamheden hier, en waarop we alle zogenaamde stakeholders die we zouden kunnen vinden uitnodigen om de binnenkant van de gevangenis met eigen ogen te aanschouwen. De paralegals waar ik eerder over sprak zijn de mannen en vrouwen van de Malawiaanse rechtsbijstand: een buitenrechtelijke organisatie die verdachten en veroordeelden van het moment van arrest tot hun vrijlating proberen te begeleiden. Ons inziens zijn ze de voornaamste stakeholder, daar ze contact hebben met alle gevangenen, gevangenissen, rechters, advocaten, politie en rehabilitatieprogramma`s. Voor ons zouden ze de ultieme partner worden om deze dag mee te organiseren. Gelukkig kenden ze Willem nog van enkele jaren geleden, en kwamen ze zelf met het plan om de dag in het teken te laten staan van de menselijke kant van het gevangeniswezen.

Zoals ik in de vorige post al aangaf heeft het grootste deel van de bevolking geen goed woord over voor gevangenen, en hebben ze daar in vele gevallen ook redenen toe. Het probleem is alleen dat vele gevangenen óf niet schuldig zijn, óf  nog niet schuldig zijn bevonden, óf het geld niet hadden om het systeem te omzeilen. In een land dat straatarm is viert corruptie hoogtij. De gevangenissen zijn zo verschrikkelijk dat veel gevangenen graag willen rehabiliteren, maar daarvoor worden de mogelijkheden maar mondjesmaat aangeboden. De dag zou volgens de paralegals en onszelf dan ook in het teken moeten staan van de goede dingen die er in de gevangenis gebeuren, of kunnen gebeuren wanneer daar de mogelijkheid voor zou zijn. Tegelijkertijd, en dit is onze eigen geheime agenda, gaf het ons de mogelijkheid om op een zeer diep niveau de gevangenis binnen te komen en te praten met gevangenen en staff. De redenen voor deze dag waren dan ook drieledig: ten eerste de gevangenen een goede dag bezorgen, ten tweede de menselijke kant van de gevangenis op de kaart zetten en ten derde ons onderzoek naar een ander niveau brengen. Onbeperkte toegang tot iedereen in de gevangenis omdat je iets ‘komt brengen’ is mooi meegenomen natuurlijk.

Feitelijk was het nodig om, wanneer je de  ‘menselijke’ kant van de gevangenis wilt laten zien, te liegen. Er is namelijk weinig menselijks aan Chichiri. 1800 gevangenen die in een faciliteit zitten uit 19-ooit, TBC, HIV en Malaria, één keer per dag eten als ze genoeg brandhout kunnen vinden, mishandelingen en verkrachtingen en geen uitzicht op een beter leven omdat de faciliteiten die daarvoor nodig zijn nauwelijks worden aangeboden. Zittend slapen omdat er te weinig ruimte is voor gevangenen om te liggen, 16 uur per dag in een cel met 200 lotgenoten omdat om 4 uur in de middag de deur dicht gaat. Communiceren met de buitenwereld met 30 gevangenen en 100 familieleden tegelijk door drie gaten in de muur. Het leven van een gevangene gaat niet over rozen in ieder geval. Maar toch: de gevangenen lijken in vele gevallen van goede wil, er zijn personen binnen de staff die dit ook lijken te zijn, de stakeholders die al binnen de gevangenis werken doen hun best met minieme middelen en er is nog veel verbetering mogelijk wanneer er voldoende input zou zijn. Deze input, zo was het idee, zou voort kunnen komen uit deze open dag door middel van het bij elkaar brengen van vraag en aanbod. De gevangenis heeft de vraag, de genodigden hebben een bepaald aanbod: goederen, geld, expertise of invloed. Uiteindelijk hebben we met de paralegals samengewerkt om mensen met verstand van educatie, agricultuur, het rechtssysteem, gezondheidszorg en de politiek de gevangenis in te krijgen. Samen met een tv-station, twee radiozenders en twee nationale kranten zou dit enigszins een buzz op kunnen leveren die het parlement kan overtuigen meer geld richting de gevangenis te laten gaan.

De uiteindelijke dag was geweldig. Meer dan verwacht eigenlijk, omdat afspraken in Malawi vaak geen afspraken blijken, maar zowel de paralegals als wijzelf hebben het echt goed gedaan. De 25 geiten die we aanboden werden erg goed ontvangen, het slachten daarvan door de gevangenen was een echte belevenis en de opkomst van de ‘belangrijke mensen’ viel al met al niet tegen. De DJ die we hadden geregeld werd onverwacht aangevuld met twee bekende Malawische zangers die een geweldige show weggaven. Het simpele feit dat ze optraden vóór een hek, op een verhoging, en dat de gevangenen 4 meter lager achter het hek met 1800 man sterk uit hun dak aan het gaan was voor ons een voldoende aanleiding om de dag als geslaagd te beschouwen. De toespraken die werden gehouden door leden van het parlement, de paralegals, de Officer in Charge en de Chief Commissioner of Prisons waren amusant, vooral ook omdat we zelf een deel van deze toespraken hadden geschreven. Stomme marionetten.. Gelukkig hebben enkele van de gevangenen hun woord kunnen doen ten overstaan van de genodigden en waren deze voordrachten vaak emotioneel en goed verwoord: “wij zijn ook mensen en hebben jullie hulp hard nodig”. Hopelijk krijgen we de press-coverage die we nodig hebben en verwachten.

Blantyre, 29 october 2009

Overdenkingen op het strand

Na 30 dagen van onderzoek, vooruitgang, tegenslagen en  inzichten zijn we aangekomen bij Lake Malawi. ‘Lake’ is een ietwat vreemde omschrijving voor een stuk water van 800 bij 200 kilometer, maar het water is zoet dus het zal wel kloppen. Daarnaast, wie ben ik om te twijfelen aan de juistheid van de naamgeving, er zijn vast en zeker mensen die meer verstand hebben van dit soort natuurverschijnselen. Het zal de apen die boven me in de boom zitten waarschijnlijk ook een zorg wezen, het gaat om het uitzicht en dat is in één woord geweldig mooi te noemen. Verstand dacht ik ook te hebben van criminaliteit, criminologie en alles wat daarmee samenhangt. In Malawi blijkt alles relatief. Niet dat ik het idee had dat de Westerse standaarden zomaar even overgezet konden worden naar Malawi. Dat het echter zo verschrikkelijk lastig is om Westerse ‘kennis’ te gebruiken in een land dat zonder enige notie in elkaar is gedraaid door de Britten en daarna is achtergelaten had ik niet verwacht. De gehele maatschappij zit volledig anders in elkaar dan die van welk willekeurig Europees land dan ook, en zo blijkt ook maar weer de ongelooflijke relativiteit van de wetenschap zoals wij die hebben uitgevonden. Ga de grens over en je weet dat je niets meer kunt gebruiken van wat je denkt te weten.

Contemplatie: een prachtig woord voor het oplossen van problemen die zich afspelen in het hoofd. Geholpen door de wolkenloze lucht, het geruis van het meer en de geluiden van de vele dieren op de achtergrond gaat dit een stuk makkelijker dan in Nederland. Hoe kan het dat in een land vol gastvrije en vriendelijke mensen de gevangenissen zo verschrikkelijk zijn. Het antwoord is uiteindelijk vrij simpel: armoede. Waarom zouden mensen die van iets meer dan een dollar per dag leven een deel van hun geld afstaan aan mensen die een deel van deze schaarste van hen hebben willen afnemen. We zijn inmiddels vergevorderd in het onderzoek en zijn verhalen tegengekomen van gevangenen die enkele jaren vastzitten voor het stelen van mais, suiker, accu`s, telefoons, brood, meel of andere levensbehoeften. In een land waar het vinden of verkrijgen van eten daadwerkelijk een dagtaak kan zijn is het stelen van ditzelfde eten bijna een doodzonde, en betekent de diefstal van een zak meel daadwerkelijke honger en de eventuele dood voor een familielid of jezelf. Medelijden met gevangenen komt dan ook weinig voor onder de armere delen van de bevolking, en gevangenen moeten het dan ook voornamelijk hebben van de goodwill van veelal Westerse hulporganisaties en hun familie.

Het probleem is alleen, en dit realiseren veel Malawianen zich ook: niet iedereen in de gevangenis is een misdadiger. Sterker: niet iedereen in de gevangenis is schuldig. Nog sterker: een groot deel van de gevangenen is niet schuldig of nog niet schuldig bevonden. Gedurende de tijd dat we hier zijn is ons duidelijk geworden dat er veel mis is met het systeem, en dat een groot deel van deze problemen terug te voeren zijn op geld. Geld dat niet ter beschikking wordt gesteld door het parlement omdat ze nu eenmaal wel betere dingen te doen heeft dan zich bezig te houden ‘with the people who have done wrong’. Inmiddels is een groot gat in het systeem, onder druk van vele mensenrechtenorganisaties, zichzelf langzaam weer aan het oplossen. Omdat moordzaken in Malawi de enige zaken zijn die door een jury moeten worden behandeld hebben deze zaken, door gebrek aan financiën om een jury samen te stellen, de afgelopen jaren stilgelegen. Dat wil zeggen dat wanneer mensen drie jaar geleden zijn opgepakt omdat ze verdacht werden van een moord, nog steeds in voorarrest zitten zonder gehoord, veroordeeld of vrijgesproken te zijn. De gevangenissen puilen dan ook uit van deze verdachten, er is zelfs een speciale categorie in het systeem voor bedacht: murder-remandees. In de gevangenis waar wij ons voornamelijk ophouden zijn er ongeveer 200 verdachten van moord die al jaren vastzitten. Dit is meer dan een tiende van de totale gevangenispopulatie en een van de vele redenen waarom het systeem vastzit. Een andere reden is het feit dat de politie verschrikkelijk corrupt is. Er zitten alleen maar arme mensen in de gevangenis. Nou zou je kunnen zeggen dat het feit dat rijke mensen er niet inkomen in ieder geval goed is voor de overbevolking. Het probleem is alleen dat deze arme mensen vaak zijn gedwongen een verklaring af te leggen, het zichzelf niet konden veroorloven om de politie om te kopen, geen geld hadden om de rechters te ‘overtuigen’, niet door de politie voor worden geleid om hun zaak af te handelen, kortom, vast komen te zitten in het systeem doordat ze financieel geen armslag hebben. De handeltjes die de politie heeft lopen kun je ze uiteraard kwalijk nemen, helaas is het zo dat de politie ook rond moet komen van een loon dat net boven de dollar per dag ligt, dus het vinden van capabele mensen is een groot probleem. Datzelfde geldt voor de staff van de gevangenissen: ons inziens zitten daar voornamelijk mensen die graag en veel ja-knikken maar verder weinig verstand van zaken hebben. Waarom zou je ook capabele mensen willen hebben op een positie die in vrijwel alle gevallen uitzichtloos is; die mensen zouden wel eens kunnen gaan klagen, en klagen is iets dat men niet kan gebruiken in het gevangeniswezen.

Contemplatie: een mooi woord voor het overdenken van een verrot systeem. Gelukkig doen de blauwe lucht en de inmiddels ondergaande zon ook vrolijker gedachten door mijn hoofd stromen. Ook al laat de software (de mensen en hun mogelijkheden) het op vele punten afweten, er zijn waanzinnig interessante en goede dingen gaande in dit vreemde land. De aandacht voor het slachtoffer bijvoorbeeld is iets waar we in het Westen nog veel van kunnen leren, ook al zorgt dit voor een hogere strafmaat. De wijze waarop men in de dorpen geschillen probeert op te lossen door bemiddeling en de sociale controle die zorgt voor een minimum aan ontsnappingen aldaar is bijzonder te noemen. Op het gebied van het jeugdrecht zijn de mensen daadwerkelijk gemotiveerd: kinderen zijn kinderen en nog geen geboren criminelen. Met de juiste begeleiding en middelen kunnen ze op het rechte pad gebracht worden. Deze overtuiging komen we overal tegen en het feit dat men zich werkelijk wil inspannen voor de goede zaak doet ons goed. Zelfs de kinderen in de gevangenissen zijn te spreken over de staff, iets dat we in de gevangenissen voor volwassenen nog niet zijn tegen gekomen.

Malawi is geen land waar je met Westerse vinger naar kunt wijzen en kunt zeggen: jullie zijn slecht bezig. Natuurlijk zijn ze niet geweldig bezig maar men roeit simpelweg met de riemen die men heeft, en deze riemen zijn al decennialang versleten. Het oude koloniale systeem heeft zijn tijd gehad maar is alles wat men heeft. De gevangenissen bestaan ongeveer honderd jaar, en in deze honderd jaar heeft men het land zien veranderen, de populatie enorm zien groeien en de criminaliteit zien stijgen: men heeft alleen nog steeds dezelfde gevangenissen. In geen honderd jaar is er nieuwe hardware bijgekomen, men houdt de statistieken met papier en potlood bij, de budgetten zijn nog steeds dezelfde en de software is verrot. De hoop is gelegen in de verbetering van de sofware en misschien een nieuwe notie in het hoofd van de Malawiaan: ‘ik kan de volgende zijn’. Het feit dat het systeem verrot is betekent dat iedereen zonder geld voor het minste de gevangenis in kan draaien. Eenmaal gevangen in het systeem van police and prison…. Misschien dat met deze notie de geldkraan voor de gevangenis een beetje opengedraaid kan worden. Iedereen kan immers de volgende zijn.

Lake Malawi, 22 oktober 2009

Juveniles en het rechtsysteem, of de schone kunst van het ad-hoc onderzoek.

In Nederland is het doen van onderzoek een tijdrovende zaak. Zowel Willem als ikzelf zijn, tijdens het schrijven van onze scripties, aangelopen tegen de agenda`s van potentiële respondenten. In mijn geval kwam dat neer op het doen van een verzoek, het wachten op een antwoord tot instemming, het plannen van een datum (soms een maand later), deze datum een week ervoor bevestigen en precies op tijd het interview beginnen en eindigen. Dit is niet de manier van de Malawiër. Zou het in het Westen mogelijk zijn een gevangenis binnen te lopen, een gesprek te vragen met de Chief Commmissioner of Prisons, en 5 minuten later bij hem op kantoor te zitten. Zou je in Nederland zomaar bij een rechter binnen kunnen vallen? Of bij een Minister? Alleen al de screening vooraf zou een maand kosten, de juiste formele procedures nog eens een week, het afstemmen van de agenda`s nog eens een dag en daarna moet je nog maar zien of dat het daadwerkelijk tot een gesprek komt. In Malawi gaat het als volgt: twee jonge en onverschrokken onderzoekers zijn op weg naar de gevangenis in Zomba. Ze worden aangehouden door een politieagent die een lift wil naar het dichtstbijzijnde politiebureau. Het weigeren van een lift aan een ambtenaar van het politieapparaat is geen goed idee, dus de jonge onderzoekers nemen hem mee. In de auto begint de agent te vertellen over zijn werk. Hij blijkt het hoofd te zijn van de opsporingsdienst in de hoofdstad en hij maakt een rondje langs verschillende districten. Deze contacten zijn altijd welkom dus de onderzoekers geven hem wat informatie over hun project. De officier in kwestie raakt buiten zinnen van enthousiasme en sleurt ze mee het politiebureau in. Het feit dat de auto midden op straat staat maakt niet uit; hij moet en zal de onderzoekers in contact brengen met de afdeling Jeugdzaken. Na 30 seconden zitten ze in een hokje van drie bij drie, waar zeven mensen in verstopt blijken te zitten. De receptioniste en secretaresse kijken vol verwondering naar de twee blanke koppies, het hoofd van de afdeling Jeugdzaken zegt al zijn medewerking toe, de aanwezige District Wellfare Officer begint te verhalen over diverse zaken waar hij mee te maken heeft. Binnen 5 minuten hebben de twee verbaasde onderzoekers twee interviews geregeld, een uitnodiging op zak inclusief volledige toegang tot en medewerking van het politiebureau en Jeugdzaken en een uitnodiging voor een diner met de officier van de opsporingsdienst. De verbaasde politieagenten die bij onze auto staan, nog steeds midden op de weg, worden toegesproken alsof dat de auto van de President zelve is, en we worden uitgewaaid als we het bureau verlaten. Wat een (te) gek land!

Na twee weken in dit ontzettend gastvrije land hebben we een deel van de antwoorden waar we naar zochten. Eigenlijk behelst het onderzoek voornamelijk het in kaart brengen van de problemen, en de mogelijkheden voor verbetering. Inmiddels hebben we ons benoemd tot ‘persoonlijk consulent van de Minister van Binnenlandse Zaken en de Chief Commissioner of Prisons’, iets dat we eigenlijk ook zijn maar waar zij niets vanaf weten. Terminologie is belangrijk in Malawi, en de plichtplegingen voorafgaand aan een gesprek duiden erop dat men nog steeds hecht aan verticale relaties. De gesprekken echter zijn openhartig en vriendschappelijk, en many times krijgen we many thanks voor onze inzet. Deze eerste twee weken hebben we ons voornamelijk gericht op het jeugdstrafrecht, de plaats van de jongere in dit strafrecht en de uitwerking daarvan. Het is nog te vroeg om te concluderen, maar de vooruitgang van Malawi op dit gebied is enerzijds indrukwekkend te noemen, anderzijds zitten er zoveel lekken in het systeem.

Juvenile In

Juvenile In

Over lekken gesproken, het Juvenile Court in Blantyre, waar we met een rechter in contact kwamen, laat zowel de vooruitgang als de problemen zien waarmee men te kampen heeft. Dit kleine gebouw aan de rand van de stad is ingericht als kinderrechtbank, compleet met schilderingen van Disney, een aparte verhoorkamer met directe camera- en tv-verbinding naar de rechtszaal en twee grote gaten in het plafond waar kinderen door ontsnappen wanneer ze opgesloten worden in een andere kamer voorafgaande aan de voorgeleiding. Kleine aapjes..

Juvi Out

Juvi Out

Kinderen nemen een aparte plek in binnen het strafrecht, overigens pas sinds enkele jaren. De intentie van de voorzieningen voor kinderen is prima: kinderen horen niet in de gevangenis, kinderen horen zelfs niet voor de rechter te komen, er is een apart systeem waarbij kinderen al vóór de rechtsgang worden ondergebracht bij verschillende hulporganisaties, en daar waar kinderen echt straf verdienen worden ze geplaatst in een ‘reformatory centre’. Daarnaast houden verschillende personen zich bezig met de re-integratie van kinderen in hun omgeving, is er enorm veel aandacht voor de rol van het slachtoffer en hebben kinderen gratis toegang tot al deze voorzieningen. Tot zover het hosanna-deel. Er zijn namelijk maar twee reformatory centra in heel Malawi, er is geen geld voor alle andere voorzieningen, de kinderen gaan dus nog steeds naar de gevangenis hoewel dit grondwettelijk verboden is, er zijn vrijwel geen voorzieningen voor ‘the girl-child’ en de plaats van delinquenten in Malawi is werkelijk de allerlaatste zorg van het parlement. Dit alles heeft tot gevolg dat er nog veel werk te verrichten is, en dat er financiers van buiten gezocht moeten worden om dit rond te kunnen krijgen.

Het is erg interessant om de verschillen op dit gebied tussen Malawi en het Westen te zien, omdat het zo goed de verschillende posities van beide landen aangeeft op de welvaarts- en ontwikkelingsladder, wat dat dan ook moge betekenen. De positie van het slachtoffer bijvoorbeeld is hier enorm ontwikkeld. Diefstal en inbraak kunnen op deze manier leiden tot het plaatsten van een jongere in een centrum voor herontwikkeling voor verschillende jaren. De rechter die we spraken stelde namelijk dat de ervaring van buurtgenoten, slachtoffers van een klein jochie dat eten had gestolen vanuit hun tuin, meespeelde in haar oordeel dit jongetje naar een heropvoedingscentrum te sturen. Dit heropvoedingscentrum werkt als volgt: onderwijs, basisvaardigheden en sport staan voorop, en daarnaast wordt er door de District Officers bemiddeld tussen de slachtoffers, de rest van de buurt, de ouders en het jochie. Het is aan de Board of Visitors of een jochie er klaar voor is de maatschappij weer in te gaan, maar ook of de maatschappij weer klaar is voor het jochie. Deze Board of Visitors bestaat dan uit de Ministers van divers pluimage en wat rechters. Het kan dus zijn dat, omdat de buurtbewoners pas na enkele jaren bijdraaien, dit jochie voor enkele jaren in het centrum moet verblijven! Voor het stelen van eten omdat hij honger had! Het probleem nu is alleen dat de buurtbewoners honger hadden vanwege de diefstal, en honger is niet iets waar je vrolijk van wordt in Afrika.
Het zijn dus interessante casussen (ja, dat kan inmiddels) die we meekrijgen hier in Malawi. De leukste is misschien wel de rechter die ons verteld over de problemen die ze hier ondervinden met hekserij. Vol verwachting buigen Willem en ik ons naar haar toe: zouden we nu eindelijk uitleg krijgen over het hoe en waarom van dit bijgeloof en de schadelijkheid daarvan voor de samenleving? De rechter schud haar hoofd en verzucht dat ze doodsbang is voor de kinderen die zich bezig houden met hekserij. Het is verdorie ook zo moeilijk te bewijzen, want de omgeving kan net zo goed behekst zijn. Ze heeft zelfs meegemaakt dat een kind, dat notabene aan haar tafel zat, plotsklaps verdween en drie minuten later uit het niets weer opdook, waarbij het kind haar wist te vertellen dat hij niets meer mocht zeggen over hekserij van zijn bazen. Ze was er daarnaast ook van overtuigd dat er onschuldigen in de gevangenis zaten, omdat heksen in de gedaante van een ander persoon hun misdaden hebben gepleegd. Al met al kregen we niet helemaal duidelijk waarom hekserij zo schadelijk was, het is echter blijkbaar genoeg om door twee afzonderlijke mensen beschuldigd te worden van hekserij om iemand veroordeeld te krijgen als heks. Helaas was, aldus de zeer serieuze rechter, het erg moeilijk om deze veroordeling ook werkelijk gestalte te laten krijgen, omdat hekserij nu eenmaal niet door die vermaledijde Engelsen was opgenomen in het wetboek dat Malawi overnam ten tijde van de dekolonisatie.

Ach, s`lands wijs, s’lands eer zullen we maar zeggen, er is onmogelijk veel werk aan de winkel om de bedoelingen van het jeugdstrafrecht om te zetten in daden. Hoe dat men dit in Godsnaam voor elkaar moet krijgen is ons nog niet duidelijk, gelukkig wordt ons werk bemakkelijkt door de open instelling van de gemiddelde Malawiër, al dan niet veroorzaakt door de officiële, zelfverzonnen functie van ‘Personal Consultants for the Chief Commissioner of Prisons and the Honourable Minister of Home Affairs Sangala’. Als het beestje maar een naam heeft toch?

Mundende base camp

Mundende base camp

Roy en Willem, Blantyre, 27 September 2009, 38 graden, zonnig.


Free counter and web stats

Malawi! Finally the Mundende project

Mu ndende van start!

16 september 2009, het Mundende-project is eindelijk van start gegaan. 38 uur reizen, 4 landingen en 4 landen later: de vertrouwde geur van de tropen komt de neusgaten weer binnenstromen. Willem’s contacten, waar we de aankomende tijd rijkelijk gebruik van gaan maken, laten zich meteen gelden. Bij aankomst in Lilongwe, de hoofdstad van Malawi, worden we opgewacht door mevrouw Maida. Ze is de vrouw van dr. Maida, een voormalige staatssecretaris ten tijde van het dictatoriale Banda-regime en nu professor aan het locale Agricultural College, en voor de aankomende dagen onze gastvrouw. Voor mij is het weerzien met de tropen heerlijk, voor Willem de reünie met zijn tweede vaderland bijzonder. Nu niet als toerist maar als onderzoeker, niet als inwoner maar als gast; kokos, brandhout, eucalyptus, peper, hitte en droogte, allemaal even bekend maar toch nieuw.

De ontvangst bij de Maida’s is hartelijk. De dochter des huizes neemt ons mee de stad in, de plaatselijke zondagsdienst wordt in dit christelijke land bezocht, de diverse hotspots van deze ‘stad die geen stad’ is worden ons snel duidelijk. Het economische leven van Lilongwe lijkt zich af te spelen op twee plekken: bij de -veelal buitenlandse- NGO`s in het centrum en daarnaast in de vele eenmanswinkeltjes en kraampjes op straat. Het veel gehoorde verschil tussen arm en rijk lijkt meteen bewaarheid te worden. Arm is in dit geval dan ook ‘Afrika-arm`: de kinderen met de bolle buikjes en de snotneuzen zijn al snel niet meer te tellen. De rijken zijn echter nog steeds de blanken, niet meer in de hoedanigheid van kolonisator maar nu in de vorm van werknemer van één van de vele hulpverlenende organisaties die de binnenstad bezetten. ‘Binnenstad’ is echter een groot woord voor de verzameling onooglijke gebouwen die de stoffige straten van Lilongwe ontsieren. Spiegelglas en beton lijken hier het summum van vooruitgang, de echte paradijsjes zijn de tuinen van de hotels, restaurants en villa`s net buiten het centrum. Deze veelal groene tuinen worden dan wel omgeven door hoge hekken, bewaakt door diezelfde klasse Malawiërs waartegen ze beschermt moeten worden; een noodzaak blijkt wanneer we de vele verhalen horen over inbraken en gewelddadige pogingen daartoe. De Malawiërs lijken echter niet uit het veld geslagen door deze grote verschillen, de bijnaam ‘warm heart of Afrika’ wordt met trots gedragen. Afwachtende blikken fleuren op bij een simpel ‘hallo’ of ‘Muli Bwanji’ en kinderen kijken je nog steeds aan alsof je een halfgod bent uit het verre Westen. Afrika overweldigt door haar contrasten.

Onderzoek is werk, ook voor twee mensen die zich na een helse reis liever over zouden geven aan het lome tempo van de Malawiër. Observeren, analyseren, lezen, praten en luisteren, keer op keer, dag in en dag uit, twee maanden lang. De eerste dagen worden dan ook gevuld met ad-hoc gemaakte afspraken; het aanpassen aan de korte-termijn-cultuur van Malawi komt in dit geval goed uit.  Het bezoek van een nabijgelegen dorp met Sjoerd, een medewerker van een Nederlandse organisatie die zich ondermeer inzet voor de creatieve ontwikkeling van gevangen jongeren, geeft een filmisch beeld van de omstandigheden buiten het centrum van de hoofdstad. Honderden kinderen, lemen huisjes, rieten daken, golfplaten, stof, armoede; alles wordt echter gedragen met een trotse glimlach. De ontmoeting een dag later met de Minister van Binnenlandse Zaken (zei toch dat het netwerk van Willem nog van pas zou komen) geeft eenzelfde brede lach, tussen de geitensik en flinke afro staan de ogen bij de Eerwaarde Minister echter iets vrolijker dan bij de kinderen in het dorp. Daar heeft hij natuurlijk ook redenen toe, hij is van Willem`s leraar Franse taal en gitaar opgeklommen tot een post direct onder President Bingu Wa Mutharika. De omstandigheden binnen de gevangenissen baren ook hem zorgen, hij is helaas met handen en voeten gebonden aan de budget dat hem wordt toegewezen. Gelukkig geeft hij ons carte blache: bij elke bottleneck die we tegenkomen is een telefoontje naar hem genoeg om dit op te lossen. De enige voorwaarde die hij stelt is dat we ‘part of the solution’ moeten zijn, niet ‘part of the problem’; een fijnzinnige steek richting de NGO`s die zich in vele gevallen alleen bezig houden met hun eigen positie, geïsoleerd in hun glazen kantoren, afgesloten van de gemiddelde Malawiër.

Het volgende gesprek brengt ons helaas meteen terug in de alledaagse werkelijkheid van Malawi. De juridisch adviseurs van het Paralegals Advisory Service Institute (PASI) kijken iets treuriger dan de Minister. In principe zijn ze opgericht om arrestanten vanaf het begin tot het eind van hun rechtsgang bij te staan. In deze hoedanigheid zijn ze misschien wel de belangrijkste speler in het leven van een arrestant, gedetineerde of ex-gevangene. Helaas hebben ze al 9 maanden geen salaris ontvangen daar de constructie die was opgericht, waarbij ze door de Engelsen werden betaald, nu via het eigen Ministerie van Justitie loopt. Over PASI zal in de volgende verslagen veel meer worden bericht, nu volsta ik met te zeggen dat deze organisatie sinds haar bestaan heeft gezorgd voor een vermindering van de mensen in voorarrest van 50 procent naar ongeveer 17 procent. Voor hun bestaan naderde het aantal mensen in de gevangenis in afwachting van een rechtszaak de HELFT van het totaal, een onwaarschijnlijk aantal. Dit had vaak te maken met vergeten gevallen, een gebrek aan advocaten, rechters en juryleden (voor moordzaken is een jury nodig), slechte administratie etc. Helaas gaat sinds het uitblijven van het salaris dit cijfer weer langzaam omhoog. De PASI-formule is in de afgelopen jaren uitgebreid naar enkele andere landen, vreemd genoeg staat het in het land van herkomst nu onder druk. Zoals gezegd komt er meer informatie over deze organisatie, voor ons zijn ze een belangrijke gatekeeper naar meer contactpersonen en betekenen ze zeker een deel van de antwoorden op onze vragen.

Uiteraard is het na drie dagen Malawi onmogelijk om uitspraken te doen in de richting van oplossingen. De vragen die voor ons vertrek nog onder de oppervlak lagen worden echter steeds duidelijker. Met name de vraag ‘hoe in godsnaam kunnen we in deze chaos van tientallen NGO`s, nationale en internationale belangen, tradities en wetten, monetaire problemen en eeuwig glimlachende mensen onze weg vinden’? Vragen, luisteren, lezen, observeren en analyseren, liefst met een Malawiaanse inslag: in de schaduw van een boom.

Roy en Willem, 16 september 2009, Lilongwe, Malawi

Mundende Research Project: reducing the overpopulation of Malawi’s prisons

images

The prisons of Malawi are overpopulated to such an extent that it poses a serious threat to the physical and mental well-being of inmates. The Mundende Research Project aims at a relief of the prison system. The very word ‘mundende’ means ‘in prison’ in the local Chi-chewa tongue. Together with our funders we have set the goal of exploring posibilities to diminish the strain on the carceral system by looking at the ones who desire this most: the youngsters.

zomba

Young inmates of Zomba prison

In Malawi, a small country situated between Tanzania, Mozambique and Zambia in the eastern part of Afrika, we are working with a variety of willing NGO`s, ensuring the long-term and gradual development of a program that`s looking for ways to implement alternative sanctions, short-sanctioning and rehabilitative schemes so that imprisonment becomes the last resort. Just as magistrates can decide to send offenders to prison they can also decide to keep juveniles and petty criminals out of prison. This will give a different future perspective for younger inmates, further reduce the congestion of prison cells and give additional relief to the older inmates.

The Mundende Research Project has been officially authorized to conduct research inside the prisons of Malawi. Through ethnographic research this project aims to identify the ways and means to keep juveniles out of the Malawi prison system, or offer them an alternative for locking the youngsters among the elder inmates. Eventually we will help and advise the NGO`s already working inside the institutions with the development of a factbased and demand-driven long term solution. At the same time we pay attention to the general conditions and demands of the prisonpopulation as a whole.